Alcoholvrije wijn: een goede vervanger?

Bijgewerkt: mei 22

Toen ik nog niet zo lang droog was, besloot ik om naar Gall&Gall te gaan. Voor een fles alcoholvrije wijn. Ik mocht toch zeker ook wel 'iets gezelligs' drinken in het weekend? Ik miste mijn speciale momenten, het gevoel van de steel van een wijnglas tussen mijn vingers, de geur die aan de eerste slok voorafgaat. En alcoholvrije wijn is er toch juist voor mensen die geen alcohol willen drinken? Een prima oplossing dus.


Nog maar weinig mensen wisten van mijn probleem af, zodat ik het niet moeilijk vond om de slijterij binnen te stappen. Ik vermeed angstvallig de flessen, die ik voorheen gepakt zou hebben en liep rechtstreeks door naar de kassa. Het voelde niet helemaal goed, maar dat lag vast aan het idee dat ik hier te vaak was geweest om in mijn alcoholprobleem te investeren.


De slijter, een vijftiger met een bos krullen en een schort voor zijn omvangrijke buik, vroeg of hij mij kon helpen. Zeker. Alcoholvrije wijn alstublieft. En dan graag een witte, die niet naar goedkope winegums smaakt, maar naar echte wijn.

Het bleef even stil. Zag ik nu echt een wenkbrauw omhoog gaan? Toen nam de slijter mij mee naar het schap waar diverse alcoholvrije wijnen stonden. De flessen zagen er mooi uit, evenals de kleur van de inhoud. Na wat heen en weer gepraat en een professioneel advies, rekende ik een fles alcoholvrije chardonnay af. En een fles 'echte' merlot. Voor de visite.


'Je drinkt dus geen alcohol?', moest de slijter toch nog even vragen? 'Nee', zei ik ferm. 'Ik drink inderdaad geen alcohol'. De blik van de man gleed even naar mijn buik en vervolgens naar mijn gezicht, om mijn leeftijd te taxeren. 'Ik zal maar niet verder vragen', zei hij. 'Tot ziens!' Ik schoof de flessen snel in mijn tas en fietste vol verwachting naar huis. Eindelijk weer een wijntje!


Met moeite kon ik wachten tot het tijd was om te gaan koken. Ik draaide de dop van de fles en haalde een wijnglas uit de kast. Waarom voelde dit zo verkeerd? 'Kijk', zei ik tegen mijn man, 'Ik heb alcoholvrije wijn gekocht!' 'O, ben je aan het vervangen?', was zijn reactie, die ik niet veinsde te horen. Ik schonk een bodempje in en keek ondertussen even in de pan, die stond te pruttelen op het fornuis. Met het glas onder mijn neus, rook ik het al: niet de geur van echte wijn. Jammer.


De eerste slok bevestigde mijn vermoeden. Het klopte niet. Dit was niet de beleving waar ik naar op zoek was. Het glas in mijn hand, de fles op het aanrecht, díe hoorden erbij. Maar deze geur en de zoete, chemische smaak irriteerden me mateloos.


Het kwam niet eens in de buurt van echte wijn. En zeker niet in de buurt van de ontspanning, die het drinken ervan mij altijd opleverde. Ik voelde me boos worden.

Mocht ik dan niet meer genieten? Ik dronk toch geen alcohol? Manmoedig klokte ik het glas leeg en verzekerde mijn man dat het écht lékker was. Ook de vrienden die kwamen eten, vertelde ik dat ik op deze manier toch gezellig een glaasje mee kon drinken.


Tot één van hen een slokje uit mijn glas proefde en riep: 'Dat méén je toch niet? Vind je dit bocht lijken op echte wijn?!' En inderdaad. Hij had gelijk. Maar ik wilde, koste wat het kost, de ervaring terughalen, omdat ik daar altijd zo'n heerlijk ontspannen gevoel bij had. Ik en mijn glaasje wijn in mijn eigen alcoholische bubbel. Toen ik dat besefte, staakte ik mijn schamele pogingen om mezelf te overtuigen dat alcoholvrije wijn een prima vervanger zou zijn. Dat is het niet. Integendeel.


Ik kwam erachter, dat ik diep vanbinnen nog steeds verlangde naar de verdoving van de alcohol. En dat ik alcoholvrije wijn gebruikte om dat gevoel te reproduceren. Logisch dat het niet werkte. Geen alcohol betekent ook geen roesje. En het gevoel van een wijnglas in mijn hand, was eigenlijk meer een trigger dan een fijne ervaring. Ook hiermee moest ik dus radicaal breken. Hoewel dat pas een paar flessen alcoholvrije wijn later was. Eigenwijs, ik weet het...


Dank U Heer, voor dit inzicht, zodat ik wel keuzes móet maken. Dank U, voor Uw eindeloze geduld met mij en dat U mij steeds een stapje verder uit mijn verslaving leidt.


Alcoholvrije wijn hoeft voor mij niet meer. En is ook zeker niet slim als je net droog bent. Dat geldt natuurlijk net zo goed voor alcoholvrij bier en alcoholvrije distillaten. Nu ik wat langer droog ben, zou ik het kunnen drinken. Denk ik. Maar ik heb er geen behoefte aan. Ik wil die link met mijn verslaving niet meer leggen. En daarnaast vind ik het ook nog eens nergens naar smaken.


Alleen als er echt iets te vieren valt, drink ik een glaasje alcoholvrije bubbels. Met oud en nieuw bijvoorbeeld. Of als één van mijn kinderen geslaagd is voor een examen. Daar blijft het bij. Alcoholvrije champagne legt dan ook nauwelijks een link met mijn alcoholverslaving, omdat ik dat sowieso al vrij weinig dronk. Het werkt in elk geval niet als trigger. Meestal moet ik het laatste restje zelfs weggooien, omdat de prik eraf is.


Herstel is een proces, dat vordert in kleine stapjes. Soms eentje achteruit, dan weer een paar vooruit. Volmaakt zal het in dit leven niet worden, al betekent elke stap een stukje groei en ontwikkeling. Gelukkig kijken we uit naar een eeuwigheid bij de Ene, Die zegt: 'Zie, Ik maak alle dingen nieuw.' Soms kan ik niet wachten.




Reageren? Dat kan ook anoniem!

Meer blogposts uit deze categorie:

Droge Woorden 2020