Waarom ik dacht dat ik alcohol nodig had.


"Zo, nu eerst een glas wijn!" Hoe vaak heb ik dat niet hardop gezegd of stilletjes gedacht? Het nemen van een glas wijn hoorde destijds bij mijn leven. Ik beloonde mezelf ermee aan het einde van de dag (en later ook aan het begin). Ik dronk tijdens het koken, want eten en wijn hoorden voor mij onlosmakelijk bij elkaar. Heerlijk om aan het aanrecht af en toe een slok te kunnen nemen. Ik schonk een glas in voor ik naar een spannende afspraak ging, omdat de wijn mij sterkte en rustig maakte. En als er niets meer in huis was? Dan werd ik paniekerig en onrustig. Dan móest ik zo snel mogelijk nieuwe flessen halen. Ik had die alcohol zo nodig!

De fles wijn werd mijn beste vriend. Ik had hem nodig om sterker in mijn schoenen te staan en om het leven aan te kunnen. Dacht ik...

Nu ik terugkijk, was het drinken van alcohol een vlucht uit de werkelijkheid. Ik klemde me eraan vast, omdat het me losmaakte van allerlei gedachten en gevoelens. Want ik kon niet goed omgaan met prikkels, zeker niet aan het einde van de dag als iedereen moe was en trek had. Dat glaasje wijn (of meer) onder het koken dempte de herrie en het gekibbel van de kinderen. Het roesje bracht rust in mijn hoofd. Het was een moment voor mijzelf.


Het drinken voor een afspraak of bijeenkomst had vooral met onzekerheid te maken. Want hoe moest ik me daar gedragen? Wat moest ik zeggen? Ik ben nu eenmaal niet goed in smalltalk. Bovendien kost het constant nadenken over wat die ander precies bedoelt en hoe ik daarop moet reageren, veel energie. De alcohol maakte mij wat zekerder van mijzelf. Ik werd wat losser en voelde me wat vrijer om een gesprek of bijeenkomst in te gaan.


Ik had de wijn ook nodig om nare gevoelens op een afstand te houden. Want wat moet je met angst of verdriet? De alcohol zorgde dat de scherpe randjes van mijn emoties af gingen. Daarom had ik ook steeds meer wijn nodig om ze te blijven dempen.


De fles wijn werd mijn beste vriend. Ik had hem nodig om sterker in mijn schoenen te staan en om het leven aan te kunnen. Dacht ik... Want na verloop van tijd werd diezelfde fles wijn een meedogenloze en dwingende vijand. "Je kunt niet meer zonder mij", fluisterde hij. "Kom, neem nog een glas. Je weet toch dat het helpt?" De flessen gingen steeds rapper leeg en ik was in gedachten hele dagen bezig met alcohol. Met het plannen van mijn drinkmomentjes, zodat het niet zou opvallen. Met het 'normaal' functioneren en het verbergen van mijn drankverslaving. De alcohol was mijn afgod geworden. Hij had mij verstrikt en liet mij niet meer los. En hoe veel ook bad en mij los probeerde te worstelen, het lukte mij niet. Soms was ik een dag vrij van de wijn, maar al snel sloeg de alcohol zijn tentakels weer om me heen om me terug te sleuren.


Toch werden mijn wanhopige gebeden verhoord. Op Gods tijd. Hij liet mij inzien dat het mij nooit zou lukken om op eigen kracht uit het net van de alcohol los te komen. Daar had ik Zijn kracht voor nodig. Ik moest ophouden met vechten en het aan Hem overlaten. Toen ik dat deed, kwam er ruimte. Ik kon eindelijk gehoorzamen aan Zijn stem, die al zo lang in mijn gedachten sprak: 'zoek hulp'. Ik besefte dat ik mijn Goliath niet zelf kon verslaan. Daar was de kracht van Jezus voor nodig. Zijn opstandingskracht, die afrekent met elke macht van de duisternis. En dat heeft Hij gedaan!


De gedachte dat ik alcohol nodig had, moest ontmaskerd worden. Dat ging niet vanzelf. "Zonder die alcohol komen de prikkels veel te hard binnen. Zonder alcohol voel ik me onzeker als ik een afspraak heb. Ik kan niet zonder." Dacht ik.

Wat ik echt nodig had, was God. Natuurlijk wist ik dat eerder ook al. Maar ik moest opnieuw leren om Jezus bij elk onderdeel van mijn leven te betrekken. Om geworteld en gegrond te zijn in Hem. Dat is de basis van mijn leven. Het zoeken van rustmomenten op de dag om stil te zijn, om te bidden of om gewoon even te ontspannen, helpen mij om met prikkels om te gaan. Daarnaast moest ik ook beter leren plannen. Ik mag spanning voor een afspraak bij God brengen. Dat laat mij beseffen dat Hij bij me is, waar ik ook ga.


Betekent dat dat alles nu van een leien dakje gaat? Nee, zeker niet. Herstellen van een alcoholverslaving is ook gewoon hard werken. Ik moest patronen leren herkennen en gevoelens toe gaan laten. Daar had ik wat hulp en therapie bij nodig. Bij AA krijg ik de praktische tools om te leren een 'droog' leven te leiden. Nog steeds moet ik prikkels doseren en sociale activiteiten zullen nooit mijn hobby worden. Maar ik kan er beter mee omgaan. Door God, die mij elke dag draagt, die mij laat groeien en bloeien en die nooit loslaat wat Zijn hand begon.



Reageren? Dat kan ook anoniem!

Meer blogposts uit deze categorie:

Droge Woorden 2020